Ondernemers maken zich chantabel

Toen ik eind negentiger jaren als ondernemer in het zuiden des lands bezig was heb ik veel meegemaakt dat indruiste tegen mijn gevoel van rechtvaardigheid. Op principiële gronden heb ik me teweer gesteld en goedbedoelde adviezen van mede-ondernemers afgewimpeld. Raadgevingen om maar toe te geven, om maar te betalen om van het gez… af te zijn. En hoe meer men appelleerde aan mijn ‘gezond ondernemers’ verstand des te kwader werd ik op al die mensen, die mijn inziens mede verantwoordelijk zijn voor de huidige pluk- en graaicultuur. Schuldig door zich passief op te stellen en maar te betalen.

Toen ik in 1996 -na inschrijving bij de KvK- met mijn zaak begon werd ik overstelpt met felicitaties van incassobureau’s en diverse advocaten, die me vervolgens in één adem deals aanboden voor het geval mijn rekeningen niet zouden worden betaald. Op basis van ‘no cure, no pay’ waren ze bereid deze vorderingen van me over te nemen c.q. op te kopen. Als ze alsnog incasseerden zouden ze de binnengehaalde buit op fifty-fifty basis met me delen. Trapte de cliënt hier niet in, dan zou het me geen cent kosten.  Een smakeloos aanbod waar ik nooit gebruik van zal maken.

Vervolgens ontvang je diverse rekeningen voor z.g. geleverde diensten in de vorm van (ongevraagde) advertenties dan wel vermeldingen in dubieuze gidsen. Maar je weet van niets, je hebt er niet om gevraagd, noch iets ondertekend. Dus je weigert te betalen en krijgt uiteindelijk meerdere brieven van één van de eerdergenoemde incassobureaus. Die spreken dan al van een  schuld, terwijl het slechts om een door jou afgewezen vordering gaat. Je wordt wanbetaler genoemd en je dient je schulden te voldoen. Maar het is aan de Rechter om te bepalen of zo’n vordering opeisbaar is.  Dus je vraagt zo’n incassobureau sinds wanneer zij op de stoel van de Rechter mogen gaan zitten. De teneur van zo’n correspondentie kan zeer grimmig worden en ik leer in die tijd heel wat toezichthouders kennen, die -op mijn dringend- verzoek deze lieden terugfluiten.

En toch zijn er dan ondernemers die betalen om van het gedonder af te komen, want het kan zo schadelijk zijn voor de naam van de zaak. En geruchten zijn snel verspreid.

Maar ook onze semi overheid, de Gemeente in dit geval, staat op het gebied van  geld afzetten en intimideren zijn mannetje. Ondernemers en hotelhouders zijn voor hen ideale melkkoeien want die betalen wel om te voorkomen dat bij nacht en ontij het nachtregister -met veel uiterlijk vertoon- wordt gecontroleerd, zodat de gasten onrustig worden. Of dat er moeiilijk gedaan wordt over de benodigde vergunningen, die op de gemeente spontaan kwijt raken. Ook kan de Gemeente de parkeerwachters inzetten, die in je winkel de klanten lastig vallen vanwege z.g. verkeerd geparkeerde auto’s. Zelfs als de klant overduidelijk met de fiets is gekomen en ze zulks feitelijk helemaal niet mogen doen.  Pas toen ik per brief aan B. en W. liet weten dat ik zo’n geuniformeerde huursoldaat niet meer in mijn winkel wilde zien, vooral niet wijdbeens, omdat in dat geval mijn rechtervoet spontaan een eigen leven kon gaan leiden, hield dat op.

Daarop volgde een (volkomen onterechte) bonnenregen voor mijn toe-leveranciers, die deze bonnen maar betaalden om verdere problemen te voorkomen. Maar ik voelde me verplicht om ze wel degelijk aan te vechten en na ruim een jaar moest de Gemeente alles terugbetalen. Tot mijn stomme verbazing waren sommigen daar niet blij mee, want de Gemeente kon zich wel eens tegen hen keren. Deze mentaliteit vind ik ronduit eng.

Hoogtepunt werd echter de stoepoorlog. Voor mijn zaak had ik ca. acht vierkante meter stoep ‘om-niet’ in bruikleen van mijn Verhuurder. Als het mooi weer was zette ik daar een tafeltje en twee of drie stoelen neer om buiten koffie te drinken. Binnen de kortste keren volgden enkele andere winkeliers dat voorbeeld en de overige bewoners vonden dat de straat gezellig en levendiger daarvan werd.

En jawel, de Gemeente wilde precariokosten heffen voor een gigantisch bedrag op jaarbasis. En dan vraag je je af of het om verregaande domheid of pure bluf gaat bij de Gemeente. Eerst houden ze vol dat het om Gemeentegrond gaat, dus moet je met een uittreksel van het Kadaster aantonen (aan de politie notabene) dat het om grond van de Verhuurder gaat. Vervolgens zijn de tegels door de Gemeente gelegd dus zit ik op hun eigendom. Jammer voor de Gemeente, maar dan praten we over ‘natrekking door nijverheid’. Tot slot stellen ze dat ik mijn ondernemersactiviteiten op openbaar gebied verricht. Ze willen me dan een dwangsom opleggen van fl. 100,- per dag, maar door een voorlopige voorziening bij de Rechtbank aan te vragen kan ik dat voorkomen totdat de zaak behandeld wordt.

Op een gegeven moment dronk ik mijn koffie op de duurste stoep van Nederland. De hele affaire over 8 vierkante meter stoep heeft tonnen aan salaris voor het Meesters-in- de-Rechten-gilde gekost , verdeeld over een beroepsprocedure en twee Rechtzaken. Maar de Gemeente moest zich uiteindelijk neerleggen bij het vonnis te mijnen gunste.

Ontegenzeggelijk heeft het voor ons ondernemers een gunstige uitwerking gehad, maar echt verzet of solidariteit is nog ver te zoeken en dus blijven ondernemers hier nog een te gemakkelijke prooi.

Over resoundeffects

Mijn naam is Gabriele van Doorn, ik woon in Heerlen - Parkstad Z.Limburg. * mijn website is te vinden op: www.klank-kleur.nl/ * en U kunt me vinden op: http://nl.linkedin.com/in/gabrielevandoorn
Dit bericht werd geplaatst in Maatschappelijk, Uncategorized en getagged met . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s